In beroep tegen afwijzing bijstandsaanvraag 2016

Vrouwe Justitia

In beroep tegen afwijzing bijstandsaanvraag 2016

Beroepschrift R.M.F. Heijder

Rechtbank Gelderland
team Bestuursrecht
Arnhem

Met dit beroepschrift gaat de heer R.M.F. Heijder, geboren te Den Haag op 22 april 1967, thans woonachtig aan [adres]  te Vaassen (gemeente Epe) hierna te noemen ‘eiser’ heden 19-6-2019 in beroep tegen de beschikking van de gemeente Epe
van 8 mei 2019 met kenmerk VI&R/AW/DOS-2019-017228.

Eiser verzoekt hierbij de rechter om de afwijzingsgrond voor het afwijzen van zijn eerste aanvraag algemene bijstand krachtens de Participatiewet te beoordelen.

Eiser beoogt met dit beroep via de rechter de door de gemeente Epe aangewende afwijzingsgrond ‘het niet verlenen van medewerking bij een noodzakelijk geacht huisbezoek’ te laten vernietigen op grond van uitzonderlijke omstandigheden en daarmee herziening van de afwijzing van de aanvraag bijstand af te dwingen.

Aanvullend verzoekt eiser de rechtbank om de gemeente Epe te veroordelen tot een later te berekenen en vast te stellen vergoeding van schade en vervolgschade in het geval eiser in dit beroep gelijk krijgt.

De rechtbank zal zich mogelijk herinneren (en het blijkt ook uit stukken) dat eiser al eens eerder tot rechtsgang in deze kwestie is overgegaan, maar dit heeft afbroken. De reden daarvoor was dat hij bij nader inzien pessimistisch was over zijn kansen. Hij liet zich er door derden van overtuigen dat het niet verlenen van medewerking bij een noodzakelijk geacht huisbezoek een krachtige afwijzingsgrond is.

Eiser is echter weer volledig in de strijdarena gestapt na diepgravend onderzoek voor het initiatief BurgerkrachtCentraal.nl, met voortschrijdend inzicht opgedaan door het bijstaan van lotgenoten, na het bestuderen van de Participatiewet, jurisprudentie en het sociaal domein, maar bovenal door nieuwe informatie verkregen na een AVG-inzageverzoek op zijn dossier bij de gemeente.

Om de rechtbank niet onnodig te belasten, heeft hij eerst nog bij de gemeente de zaak opnieuw geopend wat leidde tot ontvankelijkheid in een herzieningsverzoek en vervolgens een herzieningsbesluit waarin het bestuursorgaan niet wilde afwijken van het eerdere besluit. Ook niet na het bezwaar van eiser op dat herzieningsbesluit.

Eiser vraagt aan de rechter om de volgende elementen mee te nemen bij de beoordeling:

1) Toedracht van de weigering tot medewerking aan het huisbezoek;
2) Disproportionaliteit bij het aanwenden van het middel;
3) Algeheel klimaat waarin de aanvraag bijstand werd behandeld.

Op voorhand wil eiser opgemerkt hebben dat hij volledig alle bepalingen van de Participatiewet onderschrijft inclusief noodzakelijke en vereiste inspanningen die zowel van een belanghebbende als van het ambtelijk apparaat (namens het college van burgemeester en wethouders) mag worden verwacht bij het vaststellen van het recht op een bijstandsuitkering.

Om die reden is eiser het er in eerste aanleg (los van de uitzonderlijke omstandigheden in deze zaak) juist mee eens dat de gemeente Epe de bijstandsaanvraag heeft afgewezen. Hij heeft immers inderdaad geen medewerking verleent aan het noodzakelijk geachte huisbezoek.

Echter wil eiser de rechter trachten te overtuigen van de uitzonderlijke de omstandigheden die hem ontoerekeningsvatbaar maakten bij zijn fatale weigering. Iets wat eiser langdurig maar volledig tevergeefs bij de gemeente zelf heeft geprobeerd op zowel ambtelijk als bestuurlijk niveau uit te leggen, waarmee hij tot in den treuren zijn persoonlijke schade en vervolgschade heeft willen beperken en deze rechtsgang in ieders belang heeft willen voorkomen.


1) Toedracht van de weigering tot medewerking aan het huisbezoek

Eiser stelt dat het weigeren van medewerking aan het huisbezoek niet voortkomt uit minachting voor de wet of voor het beoordelingsvermogen van de gemeente. Ook ziet hij in het middel geen bezwaar. Hij heeft er het volle begrip voor dat er bij gerede twijfel een huisbezoek noodzakelijk kan worden geacht en dat er door de aanvrager dan ook medewerking aan moet worden verleend. Hij vindt ook dat sociale voorzieningen alleen terecht moeten komen bij mensen die het echt nodig hebben. Dat boven alles zelfs.

Door de uitzonderlijke toedracht van het verzoek om mee te werken aan een huisbezoek stelt eiser dat hij in een emotionele toestand van noodweer terechtkwam waardoor hij niet goed overwogen en niet adequaat (ontoerekeningsvatbaar) reageerde.

Hij stelt dat hij geenszins iets te verbergen had wat een rol gespeeld zou kunnen hebben bij de weigering. Het was een verkeerde paniekreactie doordat hij zich gegeven alles dat eerder was voorgevallen als een kat in het nauw gedreven voelde, met de rug tegen de muur.

De toedracht laat zich ontleden in de volgende elementen:

- Procedurefouten en wetsovertredingen;
- Achterhouden van informatie / onvolledig informeren;
- Timing van het verzoek tot medewerking aan een huisbezoek;
- Machtsmisbruik & intimidatie versus kritische opstelling;
- Negeren of minachten van bezwaren en klachten;
- Geen parate kennis van rechtspositie.

1.1) Procedurefouten en wetsovertredingen

Maatwerk
De overheid is bereid om in voorkomende gevallen af te wijken van algemeen beleid of voorschriften als dat nodig is om onbedoelde of ongewenste consequenties te voorkomen.

De overheid neemt wet- en regelgeving als uitgangspunt, maar houdt steeds oog voor de specifieke omstandigheden, waar de burger in terecht kan komen. Ook in haar feitelijk handelen zoekt de overheid steeds naar maatregelen en oplossingen die passen bij de specifieke omstandigheden van de individuele burger.

Uit Behoorlijkheidswijzer, Nationale Ombudsman

De gemeente Apeldoorn heeft als uitvoerend orgaan in opdracht van de gemeente Epe meerdere procedurefouten gemaakt en zich schuldig gemaakt aan wetsovertredingen. Deze worden hier niet uitputtend aangevoerd (zij komen wel allen terug in een vervolgproces ‘Niet uitvoeren collegeopdracht artikel 7 Participatiewet).

Alles benoemen, zou het behandelen van die beroep bijna ondoenlijk maken. Echter als de rechter meer nodig heeft voor zijn oordeel, wil eiser graag aanvullen.

De twee belangrijke misstanden die eiser aanmerkt als van grote invloed op de uiteindelijke situatie van noodweer zijn:

Schending termijnen Participatiewet en wet SUWI
Het niet hanteren van wettelijke termijnen (meldingsdatum, datum kunnen en mogen indienen van definitieve bijstandsaanvraag etc.)
Vervolgens intimiderend eiser afserveren nadat hij er opheldering over vroeg.

Schending artikel 52 Participatiewet
Het helemaal niet verstrekken van het voorschot zoals bepaald in artikel 52 van de Participatiewet. Dit heeft eiser maandenlang zonder geld laten zitten, wat hem en zijn directe omgeving ernstig in het nauw heeft gebracht en gedupeerd.

Inmiddels heeft de gemeente Apeldoorn deze wetsovertreding schriftelijk toegegeven, maar zich er gemakkelijk van afgemaakt met slechts een ‘welgemeend excuus’.

Maar daar koopt eiser niets voor, het compenseert zijn schade niet en het gaat volledig voorbij aan het aandeel dat dit heeft gehad in de ontstane noodweersituatie waarin eiser weigerde aan het noodzakelijke geachte huisbezoek mee te werken.

1.2) Achterhouden van informatie / onvolledig informeren

Goede informatieverstrekking
De overheid zorgt ervoor dat de burger de juiste informatie krijgt en dat deze informatie klopt en volledig en duidelijk is. Zij verstrekt niet alleen informatie als de burger erom vraagt, maar ook uit zichzelf.

De overheid is verplicht de burger gevraagd en ongevraagd alle informatie te geven over handelingen en besluiten die de belangen van de burger kunnen raken. Zij is daarbij servicegericht en stelt zich actief op om de informatie die van belang is tijdig op eigen initiatief te geven.

Uit Behoorlijkheidswijzer, Nationale Ombudsman

Het achterhouden van informatie en het onvolledig informeren door de gemeente Apeldoorn heeft bij eiser geleid tot een niet te duiden onbehaaglijk gevoel. Dat niet alleen. Bovendien had het tot gevolg dat eiser niet of niet tijdig aanspraak kon maken op voorzieningen.

Hiermee is eiser in zijn rechten beperkt tijdens de behandeling van de bijstandsaanvraag.

Eiser stelt dat ook dit aandeel heeft gehad in de ontstane noodweersituatie waarin hij weigerde aan het noodzakelijke geachte huisbezoek mee te werken.

Mogelijkheid van voorschotten
De mogelijkheid van voorschotten krachtens artikel 52 van de Participatiewet is volledig verzwegen door de gemeente Apeldoorn. Dat geldt automatisch ook voor de mogelijkheid om bij de provincie onverwijlde bijstand aan te vragen bij vermeende onterechte weigering van voorschotverstrekking.
Het was ook niet mogelijk om bij de gemeente Apeldoorn op een andere wijze deze informatie te vinden of tegen te komen. De online informatie (gemeentelijke website) over de bijstand verzweeg deze informatie volledig. Waarschijnlijk tot op de dag van vandaag!

Pas veel later kwam eiser er dankzij een tip van een derde achter hoe het zou moeten werken rond het voorschot. Toen hij verhaal kwam halen bij de gemeente Apeldoorn werd hij opnieuw intimiderend afgescheept. Pas toen eiser boos werd, kwam er ineens wel een enkelvoudig voorschot uit de lucht vallen. Onreglementair ook nog eens zodat dit tot op heden een open eind is en tikkende bom die tot een extra conflict tussen eiser en gemeente Apeldoorn kan leiden. Dit bovendien doordat er een valse, in de lucht hangende procedure doorheen loopt gericht op terugvordering.

Geheimgehouden beeldvorming
Eiser is er in de zomer van 2018, bijna twee jaar na de afwijzing van de bijstandsaanvraag, dankzij een AVG-inzageverzoek op zijn dossier achter gekomen dat er beeldvorming over hem bestond waarvan het goed zou zijn geweest dat hij er tijdens de behandeling van de aanvraag vanaf had geweten. Hij had dan kunnen bijstellen, corrigeren, overleggen enzovoort.

Eiser stelt dat ook dit aandeel heeft gehad in de ontstane noodweersituatie waarin de hij weigerde aan het noodzakelijke geachte huisbezoek mee te werken.

Geheimgehouden van de verdachtmaking
Tevens pas veel later (dankzij een AVG-inzageverzoek op zijn dossier) is eiser er achter gekomen dat er verdenkingen tegen hem waren gericht. Dit in groot contrast met zijn eigen veronderstelling dat hij juist heel goed en transparant meewerkte en niets te verbergen had.

Door het niet uitspreken van de verdenking door de gemeente Apeldoorn is eiser de mogelijkheid (of in elk geval de overweging) ontnomen om gebruik te maken van het zwijgrecht (van een verdachte) en het inschakelen van onafhankelijke cliëntondersteuning. Sterker nog: het bestaan van het fenomeen onafhankelijke cliëntondersteuning dat een gemeente verplicht is te faciliteren en over moet berichten, was eiser niet eens bekend.

Pas toen het vermoeden bestond dat eiser emotioneel zou doordraaien en door de gemeente met mogelijke suïcide rekening werd gehouden, werd MEE Veluwe (ingekochte cliëntondersteuning) ongevraagd op eiser afgestuurd. De consulent van MEE was na enkele gesprekken verbijsterd over de het verhaal van eiser over de gemeente en stond volledig achter eiser. Saillant detail: deze medewerker is direct hierna ontslagen bij MEE! Naam van haar is bekend bij eiser.

Opmerking:
Kennelijk maakte de gemeente Apeldoorn de inschatting dat eiser mogelijk niet emotioneel stabiel was. Dat maakt het des te meer verwonderlijk dat het meest verregaande middel huisbezoek werd ingezet. Zeker wetende dat het direct voorafgegaan werd door een intensief op een kruisverhoor lijkend wederhoor waarin de sociale recherche nogal ver ging bij het binnendringen in de persoonlijke levenssfeer van eiser.
Let wel: het ging nog maar om een bijstandsaanvraag en niet eens om een mogelijke fraudeur die reeds bijstand ontving!

1.3) Timing van het verzoek tot medewerking aan een huisbezoek

Het huisbezoek werd als ultiem sluitstuk ingezet, helemaal aan het einde van de behandelprocedure. Het bestuursorgaan had veel eerder tot een huisbezoek kunnen besluiten. Dat zou bij eiser niet buitensporig zijn overgekomen.

Doordat de situatie van eiser erg verslechterd was en de relatie met de gemeente Apeldoorn zeer verstoord, kwam het inzetten van het middel huisbezoek op eiser over als ‘we hebben je nergens op kunnen pakken, maar we hebben nog een laatste troefkaart om uit te spelen’.

Opmerking: eiser ziet dit standaard niet zo, maar begrijpt zoals eerder gesteld wat het belang van het middel huisbezoek is. Maar op het moment zelf en door de langdurige slopende toedracht zag hij er wel kwade opzet van de sociaal recherche in.

Doordat eiser langdurig veel medewerking had verleend en ook een lang voor hem op een kruisverhoor lijkend gesprek (met grote inbreuk op de persoonlijke levenssfeer) met de sociale recherche keurig doorstond, overviel het verzoek tot een huisbezoek eiser zeer. Hij werd vervuld met een sterk gevoel van onrechtvaardigheid op dat moment waardoor hij niet rationeel meer kon denken. Hierdoor kwam hij ertoe om medewerking te weigeren terwijl hij dat onder normale, behoorlijke omstandigheden beslist niet had gedaan. Te meer aangezien de weigering zulke zware gevolgen heeft.

In het gespreksverslag van het zeer ingrijpende gesprek wederhoor is het wat vreemde gedrag van eiser af te lezen. In het bijzonder het moment dat hij zijn advocaat ging raadplegen. Dat was geveinsd (er was geen advocaat) in een poging de paniekaanval te onderbreken door even weg te kunnen lopen. Als eiser in het geheel op een leugentje betrapt kon worden, is dit het enige.

Een advocaat zou nooit adviseren om een huisbezoek te weigeren. Dat moeten de sociaal rechercheurs ook ter plekke begrepen hebben. Niet voor niets schrijven ze in het verslag ‘om naar eigen zeggen contact op te nemen met zijn advocaat’. Daaruit spreekt een ‘ja vast, het zal wel’.

De eerlijkheid gebied te zeggen dat de sociaal rechercheurs duidelijk waren over de consequenties van weigeren. Maar eiser was zo van in emotionele onbalans dat dit niet bij hem binnenkwam.

Het is niet logisch dat iemand die al maanden aan het strijden is voor een uitkering, bij volledig verstand en het ruiken van de stal alles in één klap verprutst.

1.4) Machtsmisbruik & intimidatie versus kritische opstelling

De-escalatie
De overheid probeert in haar contacten met de burger escalatie te voorkomen of te beperken. Communicatievaardigheden en een oplossingsgerichte houding zijn hierbij essentieel.

Burgers zijn mensen en vertonen menselijk gedrag. De reactie van de overheid op het gedrag van de burger kan een belangrijke rol spelen bij het al dan niet escaleren van een situatie. Van de overheid mag een professionele opstelling worden verwacht, waarbij alles in het werk wordt gesteld om escalatie te voorkomen en te de-escaleren als het toch tot een escalatie komt. Als de burger onredelijk of onwillig is, dan volstaat de overheid met een gepaste escalatie.

Uit Behoorlijkheidswijzer, Nationale Ombudsman

Eiser heeft een historisch gegroeide kritische opstelling. Dat is voor een groot deel gekomen door zijn voorliggende carrière. In Nederland staan we ons er steeds meer op voor dat iedereen moet kunnen zijn wie hij of zij is. Mits dat niet de belangen van anderen schaadt.

Eiser heeft ervaren dat vanaf den beginne zijn kritische opstelling (die geen aanval is, maar een kans ook voor de gemeente en het collectief belang) absoluut niet op prijs werd gesteld. Eiser heeft reden om aan te nemen dat hij daardoor chronische tegenwerking van de gemeente op zich af heeft geroepen. Die duurt voort tot op heden!

Hiermee laat de gemeente zich kennen als onbehoorlijke, onprofessionele overheid. Zij zou hierboven moeten staan in plaats van door misbruik van macht en door intimidatie de strijd aan te gaan met de burger.

1.5) Negeren en minachten van bezwaren en klachten

Luisteren naar de burger
De overheid luistert actief naar de burger, zodat deze zich gehoord en gezien voelt. De overheid heeft een open oor voor de burger.
De overheid hoort wat de burger zegt, en ook wat hij niet zegt. Dit betekent dat de overheid de burger serieus neemt en daadwerkelijk geïnteresseerd is in wat hij belangrijk vindt.

Uit Behoorlijkheidswijzer, Nationale Ombudsman

Tijdens de gehele behandeling van de aanvraag inclusief het zogenaamde korte leer-/werktraject Direct Actief, heeft eiser ervaren dat de gemeente alleen geïnteresseerd was in het eigen belang en zich niets wenste aan te trekken van bezwaren en klachten van eiser.

Een en ander is ook (bijna twee jaar later!) gebleken na het AVG-inzageverzoek. Dat was een schokkende openbaring voor eiser, namelijk te zien hoe ambtenaren van de gemeente totaal geen boodschap hadden aan zijn input en zich er zelfs aan ergerden, dan wel zeer behoedzaam waren voor in hoeverre ze eventueel zelf juridisch nat zouden kunnen gaan. Zulks buiten de waarneming van eiser ten tijde van de behandeling zelf.

1.6) Geen parate kennis van rechtspositie

Fair play

De overheid geeft de burger de mogelijkheid om zijn procedurele kansen te benutten en zorgt daarbij voor een eerlijke gang van zaken.

De overheid heeft een open houding waarbij de burger de gelegenheid krijgt zijn standpunt en daarbij horende feiten naar voren te brengen en te verdedigen en het daaraan tegenovergestelde standpunt te bestrijden (hoor en wederhoor).

De overheidsinstantie speelt daarbij open kaart en geeft actief informatie over de procedurele mogelijkheden die de burger kan benutten.

Uit Behoorlijkheidswijzer, Nationale Ombudsman

Het huisbezoek is het meest vergaande controlemiddel van de gemeente. Het is een grote inbreuk op de privacy. Dat betekent dat de gemeente pas tot een huisbezoek mag overgaan als bepaalde informatie niet meer op andere wijze kan worden verkregen.

Op het moment dat de sociale recherche (aan het eind van een voor eiser zeer intensief gesprek) werd eiser overvallen door het verzoek om mee te werken aan het huisbezoek. Aan hem werd niet duidelijk gemaakt wat zijn rechtspositie was anders dan dat de uitkering dientengevolge niet toegewezen zou worden.

Eiser had zelf ook geen parate kennis over zijn rechtspositie. Dat kon ook niet van hem worden verwacht als niet ervaren aanvrager van bijstand. Dit was allemaal nieuw voor hem.

Op basis van voor hem logische aannames voerde hij nog wel bezwaren aan, maar die werden intimiderend in de vorm van volgens de sociale recherche onverwrikbare waarheden en regels van de hand gewezen.

Zo gaf hij aan dat hij even met zijn ouders (waar hij inwonend is) wilde overleggen of het gelegen kwam. De sociale recherche gaf aan dat men niets te maken heeft met dit aspect. Ook al was dit zo, eiser kon dat niet verifiëren. Hij moest het maar aannemen als waar.

Men moest en zou direct met eiser mee naar huis en anders geen uitkering!

Eiser ervoer dit als zeer onderdrukkend. Hij was nog maar net bijgekomen van het eerdere feit van de dag: de sociale dienst had geobserveerd bij zijn huis alsmede bij zijn ex-vrouw (en zijn kinderen). Dit om te checken of hij wel echt van zijn reguliere woonplaats vertrok voor het wederhoor. Alsof het belastend was geweest als hij dat niet had gedaan maar inderdaad eerst even bij zijn vier jonge kinderen was langsgegaan ondanks het vroege uur.

In zijn perceptie werd hij als een soort misdadiger behandeld of in elk geval als ernstige verdachte terwijl er voor hem geen enkele aanleiding was om te vermoeden dat zo tegen hem werd aangekeken.

Het later op dag (na het zware wederhoor) verzochte huisbezoek was voor hem in het verlengde hiervan en de gehele voorgeschiedenis de emotionele druppel die hem mentaal brak en hem irrationeel deed reageren op het verzoek tot medewerking aan het noodzakelijk geacht huisbezoek.


2) Disproportionaliteit bij het aanwenden van het middel

Evenredigheid
De overheid kiest om haar doel te bereiken een middel dat niet onnodig ingrijpt in het leven van de burger en dat in evenredige verhouding staat tot dat doel.

De overheid maakt steeds een afweging of een minder zwaar middel voor het doel dat zij wil bereiken kan worden ingezet. De overheid moet voorkomen dat bepaalde burgers onevenredig nadeel hebben van de maatregelen die de overheid neemt.

Uit Behoorlijkheidswijzer, Nationale Ombudsman

Eiser is steeds in de veronderstelling geweest maximaal medewerking te hebben verleend bij het vaststellen van het recht op een bijstandsuitkering. Hij heeft alle gestelde vragen beantwoord, proactief situaties en omstandigheden voorafgaand aan de bijstandsbehoefte in gesprekken beschreven en alle stukken verstrekt die van hem werden verlangd.

Waar stukken op zich lieten wachten was zulks niet te verwijten aan eiser en werden binnen de wettelijke aanvultermijn alsnog aangeleverd.

Uit niets is aan eiser tijdens de behandeling van de bijstandsaanvraag gebleken dat hij tekort zou schieten, laat staan verdacht zou zijn van onregelmatigheden. Zulks is ook nimmer naar hem uitgesproken.

Door het bestuursorgaan later aangevoerde verzinsels, aannames en vermeend vastgestelde beletselen  gebruikt voor de afwijzing van de bijstandsaanvraag, blijken achteraf in de bezwarenprocedure door het bestuursorgaan zonder enig sputteren terzijde gelegd kunnen worden tijdens de hoorzitting met de bezwaarschriftencommissie.

Het laatste niet alleen omdat deze onrechtmatig waren, maar het bestuursorgaan zich volledig gedekt voelde door de enige afwijzingsgrond ‘het niet verlenen van medewerking bij een noodzakelijk geacht huisbezoek.’

Uiteraard is het aan het bestuursorgaan om te bepalen of een huisbezoek noodzakelijk te achten is. Echter alles in beschouwing nemende kan ernstig worden getwijfeld aan de proportionaliteit. Eiser heeft op vele manieren geprobeerd het bestuursorgaan hierover te laten nadenken. Dit is volledig tevergeefs gebleken, de gemeente is onverwrikbaar.

Eiser vraagt zich achteraf overdenkende af of het instrument huisbezoek werd ingezet om een respectabel doel te bereiken. Wat zou het huisbezoek extra opgeleverd kunnen hebben? Of werd het middel alleen aangewend om te checken of eiser heeft gelogen bij zijn verklaringen of erger, werd het als ultieme valkuil gebruikt nadat andere argumenten onvoldoende slagingskans boden om eiser de uitkering te onthouden? Uit de verslaglegging valt te destilleren dat de gemeente Apeldoorn inderdaad twijfelde aan.

Het lijkt erop dat niet het vaststellen van het recht op bijstand voorop stond, maar juist het vinden van voldoende draagvlak om de aanvraag af te wijzen.

Hopelijk behaagt het de rechter wel om goed in te zoomen op alle factoren (het gehele bijstandsdossier dat zowel in het bezit is van het bestuursorgaan als na een AVG-inzageverzoek van eiser). Dit zou naar de mening en voorspelling van eiser kunnen leiden tot de conclusie dat het middel huisbezoek disproportioneel is ingezet.

Eiser stelt hiernaast dat het verzamelen van alle andere argumenten om de uitkering te kunnen weigeren qua aard ook heeft bijgedragen (als optelsom) aan zijn uiteindelijke paniekaanval. Schrijnend hierbij is dat al deze argumenten zonder enige weerstand terzijde werden gelegd door de gemeente Apeldoorn tijdens de bezwaarprocedure, vermoedelijk met de geruststelling dat het weigeren van medewerking aan het noodzakelijk geacht huisbezoek ruim voldoende zou zijn.

Eiser is ervan overtuigd dat bij normale, behoorlijke behandeling door de gemeente hij nooit in noodweer terecht was gekomen en volledige medewerking zou hebben verleend.

Bij de tweede bijstandsaanvraag heeft hij dit bewezen waarbij zeer opmerkelijk was dat het huisbezoek daarbij een wassen neus bleek en eiser bij de sociale recherche er zelfs sterk op moest aandringen daadwerkelijk zijn woonsituatie te bekijken. Men vond dat niet nodig. Zo belangrijk was het onderzoek kennelijk helemaal niet. Dit geeft voeding aan de gedachte dat het eerste verzoek om een huisbezoek slechts onbehoorlijke pressie was om onderdanigheid te forceren en bedoeld was als valstrik. Eiser kan er niets anders van maken.


 3) Algeheel klimaat waarin de aanvraag bijstand werd behandeld

Het bestuursorgaan, het college van de gemeente Epe, heeft de uitvoering van de Participatiewet uitbesteed aan de gemeente Apeldoorn. Dit geldt daardoor ook voor de behandeling van de bijstandsaanvraag van eiser.

Het is openbaar bekend dat ten tijde van de behandeling van de aanvraag grote twijfels bestaan over behoorlijk overheidshandelen van de gemeente Apeldoorn bij de uitvoering van de Participatiewet.

Eiser stelt dat hij in een algeheel verziekt klimaat ook gedupeerde is en dat dit zijn handelen buiten zijn schuld om in zijn nadeel heeft beïnvloed.

Eiser stelt dat hij door het klimaat waaraan hij langdurig werd blootgesteld terecht zeer grote twijfels mocht hebben aan de rechtmatigheid van het handelen van de gemeente Apeldoorn, dat het alleszins verklaarbaar is dat hij op de laatste dag van het behandeltraject al het vertrouwen in deze overheid was verloren en het niet zo gek was dat hij in paniek en ernstige teleurstelling ten aanzien van sociale gerechtigheid tot de dwaling van het weigeren van het noodzakelijk geachte huisbezoek kwam.

Dit klimaat heeft het volgens hem mogelijk gemaakt dat het steeds de opzet van de gemeente Apeldoorn was om eiser te laten struikelen als straf voor zijn kritische houding die hem nu eenmaal eigen is en om de uitkering te kunnen weigeren. Dit is niet gelukt tot op de allerlaatste dag, het ultieme moment waarop eiser in noodweer de cruciale fout maakte van het weigeren van het zogenaamd noodzakelijk geachte huisbezoek.

Dat dit daadwerkelijk de verlangde trofee was waarop werd aangestuurd door de gemeente Apeldoorn, blijkt voor eiser uit de hardnekkigheid van het meedogenloos toepassen en telkens de nadruk leggen op deze enkelvoudige(!) afwijzingsgrond in de correspondentie en in bezwaarprocedures.

Eiser meent dat hij de rechter indien noodzakelijk voor dit beroep onomstotelijk kan aantonen dat de gemeente Apeldoorn jegens hem niet enkele, maar alle vier kernwaarden en daarbinnen alle elementen van behoorlijk overheidshandelen heeft geschonden.

Eiser stelt voorts dat hij zich steeds voor de wolven geworpen heeft gevoeld bij de gemeente Apeldoorn en zich daarbij in de steek gelaten voelde door zijn eigen gemeente Epe. Hij heeft dat meermaals geventileerd naar ambtenaren en op bestuurlijk niveau (college en gemeenteraad). Zonder enig resultaat, zonder enige reactie, laat staan dat er van enige compassie en medeleven iets viel waar te nemen.

Ter ondersteuning van het hiervoor gestelde ten aanzien van het slechte klimaat:

  • Het rapport van de Rekenkamercommissie Apeldoorn:
    ‘Je trekt altijd aan het kortste eind’ (januari 2018)
  • Het rapport van de Nationale Ombudsman:
    ‘Behoorlijke Bijstand’ (oktober 2017)

Deze documenten zijn openbaar beschikbaar en eventueel door eiser aan te leveren.

Ondertekening, Vaassen, 19 juni 2019

R.M.F. Heijder