Ray Heijder zet in op fair play en beter perspectief

fair playRay Heijder zet in op fair play en beter perspectief

9 januari 2020

Een van de elementen van de onrechtmatige handelswijze (onrechtmatige overheidsdaad) van het duo gemeente Epe/gemeente Apeldoorn is naar het oordeel van Ray Heijder het vals spelen. Al bijna vier jaar dringt hij zelf aan op fair play.

Hij vindt dat hij daarbij het goede voorbeeld moet (blijven) geven ook al overtreden de gemeenten hetgeen volgens het ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt.


Geachte mevrouw W.,

Heden heb ik via e-mail uw 'Uitnodiging informeel gesprek' ontvangen.

Dit is een vervolg op wat we op vrijdag 13 december 2019 hebben afgesproken op de gang na afloop van de zitting bij Rechtbank Gelderland, locatie Zutphen.

Het voorgestelde moment dinsdag 14 januari 2020 om 14.00 uur in het Stadhuis, Marktplein 1 komt mij gelegen.

In beginsel ben ik akkoord met de uitnodiging en ben voornemens om, als de Heere wil en wij leven, op het genoemde tijdstip te verschijnen.

Ik acht het echter noodzakelijk om wat kanttekeningen te plaatsen en hoop vooral u hiermee van dienst te zijn.


Na de zitting

Voor het goede begrip breng ik in herinnering dat het idee voor een informeel gesprek is ontstaan ná de zitting en niet zoals u stelt tijdens de zitting van 13 december 2019.


Valkuilen

Aangestoken door uw vriendelijkheid en enthousiasme heb ik mondeling ingestemd met uw idee van een informeel gesprek. Daarbij heb ik niet stilgestaan bij de risico's die eraan kleven voor de gemeente Apeldoorn (en gemeente Epe). In het kader van fair play voel ik mij geroepen om die in elk geval vanuit mijn perspectief te benoemen.

Formele uitnodiging
Terwijl het om een informeel gesprek gaat, heeft u mij met de e-mail van vandaag op formele wijze uitgenodigd. Dat laatste is ook hoe het hoort, maar maakt dat het gesprek eigenlijk niet informeel kan zijn. U had mij ook telefonisch uit kunnen nodigen om het informeel te houden, maar dat was strikt gezien niet correct geweest.

Spagaat
Mijn inschatting is dat de gemeente in een spagaat terecht dreigt te komen met een informeel gesprek. Ik denk dat we ons door de ontstane situatie zo'n gesprek eigenlijk niet kunnen veroorloven.

  1. Ten eerste heeft u persoonlijk tijdens de zitting van 13 december 2019 afwijzend gereageerd op het voorstel van de rechter om mediation te overwegen. Als reden daarvoor voerde u aan dat met mij niet te praten valt omdat ik 'alles ter discussie' stel.
  2. Ten tweede komt een steeds groter deel van mijn inmiddels ingewikkelde casus onder de rechter. De komende tijd zal dat alleen maar toenemen.

De grote vraag is of er wel een geschikt klimaat bestaat waarin een informeel gesprek verantwoord kan plaatsvinden.

Oprechtheid
Hoewel ik sympathie voel bij uw vriendelijke en enthousiaste houding die u ook betoont wanneer we als tegenpartijen bij de rechtbank zijn, twijfel ik aan de oprechtheid van uw idee van een informeel gesprek.

  1. Bent u wellicht in de veronderstelling dat in zo'n gesprek ineens wel met mij te praten zou zijn terwijl mediation naar uw oordeel niet mogelijk zou zijn?
  2. Heeft een en ander ermee te maken dat tijdens een informeel gesprek (zonder een mediator) eventuele aanknopingspunten voor een later oordeel door een derde partij worden voorkomen zodat er dientengevolge ook geen oordeel zal kunnen komen?
  3. Verraadt de angst voor een oordeel misschien waarom de gemeente mediation niet zit zitten (en ik juist wel)?

Een ander aspect waardoor ik aan uw oprechtheid twijfel, ligt iets verder terug in de tijd. Na een eerdere zitting voor een andere zaak bij de dezelfde rechtbank op 21 juni 2019 kwam u (ook op de gang) al eerder met het idee voor een gesprek onder de officiële radar. U zou mij uitnodigen daarvoor maar heeft er geen opvolging aan gegeven. Wel is er daarna van alles gebeurd wat ik als onrechtmatige overheidsdaad bestempel en waar u als juridisch medewerker bij betrokken bent geweest. Dat geldt overigens ook voor de periode na de recente zitting van 13 december 2019.

In mijn beleving had het voor de hand gelegen dat u met de wens om nader tot elkaar te komen zich had ingespannen om de acties naar mij vanuit de gemeente even 'on hold' te zetten en de door mij ter discussie gestelde trajectregisseur tijdelijk te neutraliseren. U heeft echter de uitvoeringsorganisatie die mij naar mijn oordeel onrechtmatig behandelt juist actief ondersteund in mijn nadeel.

Ik moet vooralsnog de conclusie trekken dat het doel van een informeel gesprek eigenlijk niet het overbruggen van de kloof kan zijn, maar eerder aftasten in hoeverre ik bereid ben om in te binden. Ik verzet mij daar niet tegen, maar zal er ook niet aan toegeven.

Ook is er even aan de orde geweest dat een informeel gesprek zou kunnen helpen om meer begrip voor elkaar te kweken. Bij nader inzien denk ik dat er over en weer juist alle begrip is in de zin van dat beide partijen precies weten wat er mis is in mijn casus. Mijn waarneming is dat de gemeente daar niet aan wil toegeven en dat het voor mij nu zaak is dat ik begrip bij de rechterlijke macht zal vinden om uiteindelijk de pleger van onrechtmatige daden te veroordelen tot schadevergoeding.


Deur op een kier

Ik kan mij bij de schadevergoeding voorstellen dat we alsnog dichter tot elkaar zullen komen als de rechter mij in het gelijk stelt. Primair ben ik na alle halsstarrigheid van de gemeente inmiddels uit op financiële genoegdoening, maar ik ben nog steeds bereid om daar deels van af te zien als er andere compensatie tegenover staat zoals een betaalde baan bij de gemeente Apeldoorn.

Juist met wat er allemaal is gebeurd, zie ik grote kansen om een bijdrage te leveren aan verbetering van de gemeentelijke dienstverlening. Het voordeel daarbij zou zijn dat ik die dan niet meer als vermeende 'vijand' maar als 'vriend' zou leveren.

Bovendien zou het een veel betere springplank zijn naar betaald werk dan vanuit mijn huidige situatie in de bijstand. Dan zijn we ook niet meer afhankelijk van de trajectregisseurs (klantmanagers) die in mijn casus al bijna vier jaar helemaal niets doen voor de collegeopdracht (artikel 7 Participatiewet) die ziet op de ondersteuning bij arbeidsinschakeling van personen die een bijstandsuitkering ontvangen.

Win-win dus. Zou u dat ook niet een mooie kanteling vinden?


Conclusie

Uw uitnodiging voor een informeel gesprek op dinsdag 14 januari 2020 om 14.00 uur accepteer ik met verwijzing naar bovenstaande kanttekeningen. Ik zal Deo volente op het tijdstip verschijnen.

Ik aanvaard geen aansprakelijkheid voor (en medeplichtigheid) aan de gevolgen van de door mij geschetste risico's.

Als er nieuwe schade voor mij uit voortvloeit, zal ik deze op de gemeente verhalen.

Hoogachtend,

R.M.F. Heijder


uitnodiging

Reacties zijn welkom

Ze worden eerst gecontroleerd door BurgerkrachtCentraal voordat ze zichtbaar worden.

Geen zorgen, jouw e-mailadres wordt niet getoond op de website en door BurgerkrachtCentraal niet aan derden verstrekt.

Plaats een reactie