Armoederegisseur schittert in afwezigheid

Armoederegisseur schittert in afwezigheid

1 juli 2019 | Als je 'regisseur' leest, denk je:

Fijn er is (of komt) iemand die de regie voert of gaat voeren over iets.

Zo heeft gemeente Epe bijvoorbeeld de 'trajectregisseur werk en inkomen'. Dat is dubbel gaaf, want het lijkt erop dat daar niet alleen regie is, maar ook sprake van een traject.

Helaas is de realiteit een stuk weerbarstiger. Ray Heijder kan er bij andere gelegenheid alles over vertellen, over het zooitje bij de gemeente Epe dat door uitbesteding aan de gemeente Apeldoorn zelfs een drama is in een deel van de individuele cases. Maar goed, op zich wel aardig die samentrekking van 'traject' en 'regisseur'. Een traject kun je regisseren en een traject is iets moois.

Helemaal niet zo aardig en nogal pervers is de 'armoederegisseur'. Wel eerlijk, want armoede wordt inderdaad slechts geregisseerd, niet bestreden.

Zijn er ook onkruidregisseurs, ongedierteregisseurs, terrorismeregisseurs, eikenprocessierupsregisseurs en kankerregisseurs? Of zijn dat dan toch meer functionarissen die zich toeleggen op bestrijding?


Het onzalige advies van de SER

Waar en wanneer ontstond het onzalige idee van de armoederegisseur? Wie bedenkt zoiets idioots?

De armoederegisseur komt uit de koker van niet zomaar de eerste de beste. Ruim twee jaar geleden, in maart 2017, kwam de Sociaal Economische Raad (SER) ermee. De SER is een adviesorgaan waarin ondernemers, werknemers en onafhankelijke deskundigen (kroonleden) samenwerken, om tot overeenstemming te komen over belangrijke sociaal-economische onderwerpen.
De SER adviseert de regering en het parlement over het sociaal-economisch beleid. Ook faciliteert de SER akkoorden en convenanten. Voorbeelden zijn de totstandkoming van het Energieakkoord en diverse convenanten voor internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen. Daarnaast voert de SER bestuurlijke taken uit om bijvoorbeeld medezeggenschap te bevorderen.

Creëer een functie van armoederegisseur voor het realiseren van de kwantitatieve doelstellingen op lokaal niveau. De regisseur moet zorgen voor het beter bereiken van de doelgroep, het verbeteren van aanvraag-procedures, het tegengaan van versnippering van het aanbod en dienstverlening, het monitoren van de effectiviteit en het doen van voorstellen voor het ontwikkelen van nieuwe, effectieve werkwijzen. De regisseur is het aanspreekpunt voor armoede onder kinderen voor onderwijs, maatschappelijk middenveld en anderen, en zorgt voor afspraken over het afstemmen van hun taken. De rijksoverheid moet deze coördinatiefunctie financieel faciliteren.
Uit SER-advies: Opgroeien zonder armoede (pdf-download, maart 2017)

De focus lag heel strategisch op kinderarmoede, want kinderen die lijden, vinden we maximaal zielig. En de kleintjes hebben geen eigen schuld. Dat het vooral ook gaat om de armoede van de volwassenen (van de ouders) werd overigens wel aangestipt.

Het laat zich aanzien dat het idee van de SER nauwelijks op vruchtbare gemeentegrond heeft mogen rekenen. Her en der zien we wel een armoederegisseur die budget opmaakt. Al gauw € 30.000 per jaar (minstens). Maar van brede invoering van deze doorbraakfunctionaris mogen we niet spreken.

Leuk dat in 2017 de Tweede Kamer het advies van de SER heel serieus nam. Maar wat hebben we daar eigenlijk aan?
En wat is de waarde van de reactie van de vaste Kamercommissie SZW?

Dit is een heel belangrijk advies over een heel belangrijk onderwerp en een groot probleem
Zo reageerden de Kamerleden van de vaste Kamercommissie SZW.

Ach, het was tenslotte maar een advies!


Lokaal kabaal

Het probleem met (vaak naar eigen zeggen) innovatieve ideeën op landelijk niveau, is dat ze lokaal worden uitgewerkt. Ironisch genoeg ook als het juist gaat om regie en coördinatie.

Dat is dan ook gedoemd om te mislukken.

Een dergelijk idee leidt hoogstens alleen maar tot 355x (destijds bijna 400x) lokaal kabaal, zoveel als er gemeenten zijn en dan ook nog eens tijdelijk (iets met 'storm' en 'glas water'). Vervolgens kakt de boel weer in. Tot er weer andere kansloze sociale braakballen worden gelegd door landelijke en/of lokale hotemetoten op podia tijdens conferenties en dergelijke bekend. Denk aan armoedepacten.

Per gemeente regie over armoede voeren (sowieso al een perverse activiteit) is vragen om meer ellende. Het doet dan ook vermoeden dat armoedebestrijding geen echt doel is.

Wat dan wel het doel is, durven wij wel hardop uit te spreken, maar wordt toch niet voor waar aangenomen, zo is ons gebleken. Nou vooruit dan toch maar:

Armoede wordt opzettelijk door het systeem gecreëerd en in stand gehouden.

In het advies van de SER lezen we dat er op gemeentelijk niveau een armoederegisseur zou moeten zijn:

Een armoederegisseur per gemeente
De raad vindt het wenselijk dat er voor de komende kabinetsperiode een armoederegisseur (coördinator) per gemeente (of regio) aanspreekbaar wordt voor het realiseren van de landelijke kwantitatieve doelstellingen vertaald naar lokaal niveau. Gedacht wordt aan een creëren van een coördinatiefunctie van waaruit erop wordt toegezien dat de doelgroep beter wordt bereikt (vooral kinderen van werkende minima), de aanvraagprocedures worden verbeterd, versnippering van het aanbod en dienstverlening wordt tegengegaan en de effectiviteit wordt gemonitord of voorstellen worden gedaan voor het ontwikkelen van nieuwe effectieve werkwijzen.

Het gaat de raad er vooral om dat de coördinatie goed wordt geregeld. Alle organisaties betrokken bij de bestrijding van armoede onder kinderen (naast gemeenten, het onderwijs, maatschappelijk middenveld) moeten, met behoud van eigen verantwoordelijkheid, hun activiteiten onderling makkelijk kunnen afstemmen en goed naar elkaar doorverwijzen. Dit zal het niet-gebruik tegengaan en onnodige armoede situaties of opbouw van schulden verminderen. De rijksoverheid wordt gevraagd deze coördinatiefunctie te stimuleren en/of financieel te faciliteren.

Afspraken Rijk-gemeenten
De rijksoverheid wordt gevraagd de aanbevelingen over gemeenten in overleg met gemeenten uit te werken. Als gemeenten hun bereik vergroten, moeten ze voldoende capaciteit hebben om de vraag aan te kunnen. Het betreft voldoende kennis en capaciteit bij front- en backoffice, zowel bij een sociaal wijkteam als bij de schuldhulpverlening. Dit vergt tevens voldoende middelen.


Leuk voor...

De armoederegisseur is eigenlijk alleen maar leuk voor de armoederegisseur zelf. Het is toch weer betaald werk en een mogelijkheid om lekker interessant en belangrijk te doen.

Daarnaast geeft het gemeenten een excuus om het bestrijden van armoede voor zich uit te schuiven. Dat zien we ook bij de Alliantie Kinderarmoede. Dat initiatief geeft gemeenten een alibi dat de suggestie wekt dat zij werk maken van armoedebeleid. Met de in 2019 genoemde deadline van 2030 kunnen we deze alliantie niet serieus nemen. Al helemaal niet als men die deadline een stevige ambitie durft te noemen.

We mogen bovendien niet over het hoofd zien dat het commerciële netwerk van adviespartners en begeleiders er ook alle baat bij heeft. Armoederegisseurs komen niet uit de lucht vallen, maar moeten zorgvuldig worden geselecteerd en opgeleid. Daarbij zijn de dure consultants ook nodig voor de gefingeerde (dus niet echte) implementatie van de armoederegie. Dat kunnen gemeenten natuurlijk nooit zelf.

Tot slot moet het onvermijdelijke mislukken van de armoederegisseur keurig en professioneel worden 'gemanaged' na pakweg twee tot drie jaar.

Zo is de cirkel ook hier weer rond en is het geld foetsie!

Onder meer het door het Rijk geleverde budget voor het aanstellen en onderhouden van de armoederegisseurs moeten we als verloren beschouwen.