De perversiteit van de inkomenstoeslag

De perversiteit van de inkomenstoeslag

19 maart 2019

De individuele inkomenstoeslag (vervanger van de langdurigheidstoeslag sinds 2015) is misschien wel de meest perverse onder de minimaregelingen. De vuiligheid is gelegen in zowel de landelijke wetgeving als de lokale voorwaarden van de gemeentelijke voorziening. Willekeur ligt op de loer en slaat ook daadwerkelijk toe.

Rechtvaardige wetgeving en behoorlijk overheidshandelen zijn alleen mogelijk bij zoveel mogelijk meetbare factoren. Rond de individuele inkomenstoeslag wemelt het van de schimmige en niet te toetsen elementen. Geen wonder dat gemeenten ermee sjoemelen en er (vooral arme) burgers mee duperen en frustreren.

In plaats van een minimaregeling gedraagt het zich meer als een treitervoorziening of de onbereikbare jackpot. De aanvraagprocedure (met name het in te vullen monsterlijke formulier) onderstreept dat nog eens extra.

Niet verwonderlijk dat veel burgers de individuele inkomenstoeslag niet aanvragen (als ze al weten dat die bestaat) en (verder) in de armoede en schulden terechtkomen.

Dat kan overigens weer als een tekortschietend verantwoordelijkheidsbesef voor de voeten van de burgers worden gegooid en daardoor nog meer vervelende gevolgen hebben. Kom je in de problemen, je had toch een aanvraag kunnen doen? Of: waarom vraag je het niet aan? Heb je het niet nodig omdat je misschien stiekem wat bijverdient (fraude)?


Schimmige elementen

Hoe meer lokaal het wordt, hoe vager. Maar laten we beginnen op het niveau van het Rijk. Ook daar gaat het al flink mis.

We lezen dit op Rijkoverheid.nl:

Om in aanmerking te komen voor een individuele inkomenstoeslag moet u aan de volgende voorwaarden voldoen:

u bent ouder dan 21 jaar maar jonger dan de AOW-leeftijd;
u heeft geen of weinig inkomen en vermogen;
u heeft geen of heel weinig kans op een baan of op hogere inkomsten.

Let op! De gemeente kan nog andere voorwaarden stellen, bijvoorbeeld dat u heeft geprobeerd uw inkomen te verhogen. Informeer hierover bij uw gemeente.

De eerste voorwaarde is nog wel exact meetbaar. En bij de tweede voorwaarde gaat het ook nog goed met 'geen', maar wat is 'weinig'? Dat is hier door het Rijk al niet gedefinieerd en dan is het logisch dat gemeenten ermee aan de haal gaan. We zien dan ook door het hele land allerlei, uiteenlopende definities en berekeningen.

Het Rijk verzwijgt hier ook nog eens een belangrijk aspect: het moet gaan om langdurig geen of weinig inkomen en vermogen!

Bij het gebruik van het woord 'kans' wordt het nog veel meer onvoorspelbaar.

Hierin komt ook de eerste perversiteit op tafel:
Wie bepaalt of je weinig kans hebt op een baan of hogere inkomsten? Mag je dat ook zelf vinden en als je dat doet loop je dan niet het gevaar op het verwijt dat je kennelijk de toekomst niet meer ziet zitten en dus waarschijnlijk ook niet meer je best doet voor een betaalde baan?

Saillant detail is vervolgens dat het voorkomt dat bijstandsgerechtigden individuele inkomenstoeslag ontvangen en ondertussen door hun gemeenten als bemiddelbaar voor werk (dus kansrijk voor inkomensverbetering) worden gezien. Wordt in dit geval de Participatiewet artikel 36 overtreden?

Wat we in de uitvoeringspraktijk zien aan de vreselijke gevolgen, is het gevaar dat schuilt in 'Let op! De gemeente kan nog andere voorwaarden stellen'. Gemeenten kunnen het niet alleen, maar doen het ook en daarbij schiet het allerlei kanten op. Zelden de goede!

Overigens MOET de gemeente die andere voorwaarden stellen en dat zelfs bij officiële verordening!
Deze plicht staat in artikel 8 van de Participatiewet.


Gemeentelijk sjoemelen

Op gemeentelijk niveau kan het gesjoemel en de willekeur losbarsten.

We slaan even een stap over en onderzoeken nog niet wat gemeenten zoal in hun verordeningen hebben vastgelegd.
We kijken wel naar wat ze schrijven over de individuele inkomenstoeslag op hun websites. Als ze dat al doen!

Bent u er klaar voor? Okay, let's go!

Geen of weinig inkomen en vermogen
Hiermee gaan gemeenten naar hartenlust mee aan de haal. Niet wat betreft het vermogen, want daar houden ze zich netjes aan de vermogenstoetsbedragen zoals die ook voor de bijstandsuitkering gelden. Die liggen keihard vast en worden jaarlijks opnieuw exact vastgesteld.

Nee het gaat om dat inkomen. Uitgangspunt is het inkomen op bijstandsniveau. Maar ook dat is exact bepaald toch?
Ja, maar nu komt het: de ene gemeente bepaalt heel gierig dat je inkomen niet meer dan 100% van het inkomen op bijstandsniveau mag zijn, de andere 101% en weer andere gemeenten zetten dat op 120%. We komen heel sporadisch zelfs 130% tegen.

Langdurig
De Rijksoverheid heeft het er voorzichtigheidshalve maar niet over, maar gemeenten mijden het niet: langdurig.
Wat is langdurig geen of weinig inkomen en vermogen? Welnu, ook daarbij zwabberen gemeenten allerlei kanten op.
Enkele gemeenten vinden een jaar of twee jaar al langdurig, de meerderheid gaat op drie jaar zitten, maar er zijn er die vinden dat je eerst maar liefst vijf jaar op een houtje moet hebben gebeten alvorens je misschien (bij des gemeentes gratie) het extraatje kunt krijgen.

Wisselende bedragen
Gelukkig zijn de bedragen binnen een gemeente dan nog net wel vast voor elke inwoner (afhankelijk van de persoonlijke situatie, dat wel) maar tussen de gemeenten zien we ook weer verschillen. In de ene gemeente wordt armoede anders verlicht dan in een andere. Hoezo gelijke rechten in gelijke situaties?

Je best doen!
Het ging tot nu toe over gegoochel met getallen, maar het wordt nog erger!

Een door de gemeente geliefde aanvullende voorwaarde is dat de belanghebbende zich voldoende moet hebben ingespannen om tot inkomensverbetering te komen.
Nu wordt het helemaal arbitrair en slaat de willekeur om zich heen!

Wat is voldoende en hoe meet je dat? En van wat en wie is het oordeel daaromtrent afhankelijk? Wat gebeurt er bijvoorbeeld als je een betrouwbare burger bent die zijn of haar best doet, maar ook kritisch is en dat niet onder stoelen of banken schuift bij de behandelaar?

Wat gebeurt er als je niet wanhopig en zielig genoeg overkomt?
En wat als je lelijk bent of juist een lekker ding met opportune kledingkeuze?

Chantage
We zijn er nog niet hoor! De gemeente kan ook stellen dat je een maatschappelijke bijdrage moet hebben geleverd of een tegenprestatie hebt uitgevoerd (of u bent bereid om dit alsnog te doen). Vooral voor aanvragers die langdurig in de bijstand zitten, is dit een heel onlogische voorwaarde. Als dat gemeentelijk beleid is, MOET je daaraan namelijk sowieso al voldoen om geen maatregel opgelegd te hebben gekregen. En raad eens... een voorwaarde bij de individuele inkomenstoeslag is dat aan jou ook geen maatregel is opgelegd! Een bizarre ronde cirkel, maar niet in burgerbelang.

Formulierendrama
Vooral als het gaat om mensen in de bijstand die een beroep doen op de voorzieningen, wordt er gesjoemeld door gemeenten. Dit maken wij ook op uit de aanvraagformulieren die we op de gemeentelijke websites aantreffen. Daarin wordt aan de belanghebbende informatie uitgevraagd die al bekend is bij de gemeente. Dat mag niet en toch gebeurt dat dus.

Tal van vragen op de aanvraagformulieren zijn overbodig, dus daarmee de beantwoording eigenlijk ook. Het is zelfs zo dat de aanvrager allang geen uitkering meer had mogen hebben of gekort had moeten worden als veel van die informatie niet bekend is bij de gemeente. Dan had namelijk of de belanghebbende de inlichtingenplicht geschonden of de gemeenten op onjuiste gronden het recht op bijstandsuitkering vastgesteld.

In het geval van aanvragers die in de bijstand zitten, zou de gemeente hoogstens nog ontbrekende info mogen vragen.

Bij andere aanvragers kan het wel terecht zijn dat een gemeente (veel) meer doorvraagt, zeker als de aanvrager verder nog geen dossier bij de gemeente heeft lopen. Denk aan een zelfstandige die langdurig een laag inkomen en vermogen heeft. De gemeente weet te weinig van zo iemand om het recht op individuele inkomenstoeslag vast te stellen.


Kleine lichtpuntjes

Wat een kommer en kwel hè? Zijn er dan geen goede dingen te melden. Misschien toch wat lichtpuntjes?

De beslissing op de aanvraag voor individuele inkomenstoeslag moet een officiële zijn, een voor bezwaar vatbare beschikking. Dat betekent dat je ook in beroep bij de rechter kunt gaan als je bezwaar wordt afgewezen. Maar of dit wel echt een lichtpuntje is. Wie gaat zo'n eventueel traject aandurven en heeft er de kracht en energie voor?

Ander lichtpuntje dan: mocht jou het toch na veel vijven en zessen lukken om die toeslag in de wacht te slepen, blijkt die pot met goud aan het einde van de regenboog toch echt? Dan mag je ermee doen wat je wilt.